Over cultuurplanten

8. Natuurlijke verfstoffen – deel 3: geel

Het derde en laatste deel van het eerste serietje over natuurlijke verfstoffen voor textiel, gaat over de kleur geel. Het eerste ging over blauw (eigenlijk over indigo), het tweede over de vele varianten van rood en dit dus over geel. En zwart en wit zijn er nog bij gekomen. Geel werd in de Middeleeuwen gezien als de goedkoopste en gemakkelijkste textiel kleur en dus de minst spannende. Zo gaat dat. Maar gelukkig was er een variant die wel heel duur was en dus daar werd ruzie over gemaakt.

Het gemakkelijke geel Al ver voor het begin van onze jaartelling was de belangrijkste leverancier van de kleur geel de plant wouw (Reseda luteola), nauw verwant aan de wilde reseda (Reseda lutea). Mogelijk is het gebruik van wouw in textiel al ouder dan dat van meekrap (voor rood) en wede (voor blauw).

Het vrij maken van de kleurstof uit de plant is ook veel eenvoudiger dan bij meekrap en wede. Op de eerste plaats is de plant al wat gelig, ofschoon wilde reseda geler is dan wouw. Je hoeft de stengels en zaden alleen maar te koken in water; vroeger voegde men oude urine toe waarschijnlijk om de oplossing alkalisch te maken. Dus geen gisten, rotten, oxideren of andere bijna alchimistische bewerkingen zoals bij de kleuren rood en blauw. Voor een meer briljante kleur voegde men nog aluin toe bij het verven.

Relatief eenvoudig dus en het nadeel was dan ook dat geel veel goedkoper was en veel minder aanzien had dan de rood en blauw. Ook de rood en de blauw ververs (dit waren twee verschillende beroepen!) hadden een veel hoger aanzien dan de geel en de zwart ververs. Rood en blauw ververs gebruikten dure grondstoffen en mysterieuze processen. De zwart ververs gebruikten walnoot en afgewerkte baden van rood en blauw om zwart te maken. En geel was gewoon simpel.

8.gele kamille (167K) Gele kamille of verfkamille

Wouw en reseda

Zoals gezegd deze twee planten zijn familie. Ze komen allebei uit het Middellandse Zee gebied en zijn hier ingevoerd net als wede en meekrab. Het verschil is dat wede en meekrab zich hier in het wild nauwelijks kunnen handhaven terwijl dat wouw en wilde reseda wel lukt. Beide planten kom je in ons land niet dagelijks tegen maar in Zuid-Limburg zijn ze niet zeldzaam. In de rest van het land doet de wilde reseda het wat beter dan de wouw en is vooral te vinden in kalkrijke duinen en langs de rivieren.

Wouw is duidelijk door de mens hierheen gebracht als verfplant. Hoe wilde reseda hier komt is minder zeker maar het zou me niet verbazen als hij verward is met wouw en zo hier terecht is gekomen. De Oecologische Flora houdt het op “cultuurvolger”. wouwEr worden hier nog een paar reseda soorten als sierplant gekweekt maar die zijn uit de mode geraakt en ze konden zich hier duidelijk niet op eigen kracht handhaven.

Wouw was de belangrijkste maar er werden nog meer planten gebruikt om textiel geel te kleuren. Vaak is dat nog in de naam terug te vinden. Een paar soorten die je in Nederland kunt tegenkomen: verfbrem is inheems maar komt tegenwoordig vooral voor op de Waddeneilanden, verfkamille of gele kamille is waarschijnlijk ingevoerd maar lijkt ingeburgerd in Zuid-Limburg. Saffloer is een distelachtige met gele bloemen en komt incidenteel voor in ons land. Waarschijnlijk komen de zaden uit siertuinen of uit culturen in bijvoorbeeld Frankrijk waar de plant tegenwoordig nog gekweekt wordt voor de olie.

Een plant, of beter de tot poeder gemalen resten, die we nu ook nog kunnen tegen komen is geelwortel of kurkuma of koenjit. Ooit gebruikt als verfplant maar nu alleen nog in de keuken onder andere als een van de bestanddelen van kerrie poeder. De gele kleur van kerrie komt hoofdzakelijk van de kurkuma.

Saffraan

Saffraan wordt in de Middellandse Zee keuken gebruikt in sausen en om rijst geel te kleuren. Saffraan is erg duur en daarom wordt de rijst ook wel eens gekleurd met kurkuma. Maar saffraan en kurkuma kwamen elkaar vroeger niet alleen tegen in de keuken. Beide werden ook gebruikt om textiel te verven. Of saffraan echt een mooiere kleur gaf weet ik niet, maar het was in ieder geval ook toen schreeuwend duur. En dus begeerd.

Saffraan is zeer oud. De leverancier is de saffraankrokus. Deze krokus hoort bij de lissenfamilie net als onze krokus, hij bloeit paars net als de onze maar doet dat in het najaar net als onze herfsttijloos die weer geen familie is. Waarschijnlijk wordt de saffraankrokus (Crocus sativus) al zo’n 4000 jaar gekweekt. De plant is mogelijk afkomstig van Kreta maar komt daar in het wild niet meer voor. Men denkt dat de huidige saffraankrokus gekweekt is uit de wilde Crocus cartwrightianus.

Waar gaat het om bij saffraan? De saffraankrokus is familie van onze krokussen zoals gezegd en mogelijk is het al ooit opgevallen dat die mooie oranje gele meeldraden en stampers hebben. Bij nadere bestudering blijkt dat de ene stamper in feite in drie stijlen is vertakt en bij de saffraankrokus zijn deze rood en extreem lang. Extreem lang is in dit geval 2,5 tot 3 cm. Maar hier gaat het om! Deze drie stijlen, draadjes van nog geen millimeter dik, zijn de saffraan: deze worden geoogst, gedroogd en verhandeld. Voor een kilo droge saffraan heb je zo’n 100.000 tot 200.000 bloemen nodig! Om rijst te kleuren heb je gelukkig niet veel nodig want de prijs van een kilo saffraan ligt op €1500 – €2000.

8.saffraan krokus (172K) Safraankrokus

Verven met saffraan

Gezien de oorsprong van saffraan mag je rustig aannemen dat het ook vroeger eigenlijk veel te duur was om textiel mee te verven. Maar net zoals je duizenden slakjes nodig had om purper te verven: het was blijkbaar geen probleem, misschien zelfs wel een stimulans om te laten zien wat de rijken zich konden permitteren.

In de Middeleeuwen werd dus met saffraan geverfd. De oorsprong ligt waarschijnlijk weer in het Midden-Oosten maar zeker na 1100 werd in Florence met saffraan geverfd. De saffraan-krokus kan in de landen rond de Middellandse Zee goed worden verbouwd en dat gebeurt ook nog steeds. Daarom is het wat vreemd dat rond 1400 Bazel in Zwitserland het centrum van de Europese saffraan handel werd. Mogelijk had het te maken met de pestepidemieën die toen door Europa trokken: daar zou namelijk saffraan tegen helpen. Bazel verdedigde zijn handel in ieder geval zeer fanatiek want toen een transport saffraan werd gestolen door edelen in Zwitserland, is er een complete saffraan oorlog gevoerd. Men is toen ook begonnen om bij Bazel en later bij nog noordelijker steden, de saffraankrokus te kweken maar dat schijnt niet zo’n succes geweest te zijn. De saffraan oorlog was niet het enige incident. Als er met zo’n kostbaar materiaal gehandeld moet worden, kun je natuurlijk rekenen op misbruik en oplichterij. Zware straffen en veel controles van de saffraan en de geverfde stoffen waren de tegenmaatregelen.

Terug naar het verven met saffraan. Of het daar begonnen is weet ik niet, maar de steden in Toscane zoals Florence en Lucca waren lange tijd het Europese centrum voor de duurste geverfde stoffen en dus ook voor saffraan geel. Verven met saffraan was niet moeilijk. Als de saffraan een tijdje gekookt wordt met water krijg je een schitterend geel verfbad. Dit valt in de keuken gemakkelijk te controleren. Maar blijkbaar hadden men daar iets bedacht waardoor de kleur nog mooier werd. Wat het was heb ik niet kunnen vinden, maar daarbij moest het weefsel zoveel mogelijk stofvrij en zonder zonlicht gedroogd worden. Dat lijkt geen probleem maar een lange lap textiel vrij hangend laten drogen zonder zon is niet zo eenvoudig. De oplossing die men in de Toscaanse steden koos waren hoge torens zonder trap aan de binnenkant, waarin men de lap textiel kon afrollen en laten drogen. Via ladders en bordessen klom men waarschijnlijk langs de buitenkant naar boven.

8.torens San Gimignano (142K) Droogtorens voor textiel in San Gimignano

In Florence en Lucca zijn deze torens praktisch verdwenen. Het verhaal is dat de rijke families bij ruzies de torens gebruikten om elkaar te bestoken met stenen en pijlen. Toen dat uit de hand begon te lopen heeft de stad de torens laten slopen. Waarschijnlijk werd de techniek om zo met saffraan te verven toen niet meer gebruikt. In de kleine stad San Gimignano niet ver van Florence zijn dertien van deze torens bewaard gebleven van de minstens dertig die er ooit geweest zijn. Het verhaal dat daar verteld wordt is dat de rijke families deze torens expres bouwden om elkaar te bestrijden, maar een gevechtstoren met alleen een houten ladder aan de buitenkant lijkt wel erg onwaarschijnlijk.

Jan van Dingenen - 2007

De hele serie over natuurlijke verfstoffen staat hier:

6. Natuurlijke verfstoffen - Deel 1 Blauw

7. Natuurlijke verfstoffen - Deel 2 Rood

8. Natuurlijke verfstoffen - Deel 3 Geel

71. Natuurlijke verfstoffen - Deel 4 Zwart

72. Natuurlijke verfstoffen - Deel 5 Wit